Herfstregen

De regen kust mijn vensters weer,
De donkre winden sollen
Het droeve liedje van weleer
Langs alle huizebollen;
Een dorre tak gaat heen en weer,
En van zijn blâren rollen
De natte tranen telkens neer –
Altijd weer volgezwollen.
0: met de zon om ‘t hoofd gewonden,
Met geld en goed en zoet-gezind –
Wien heeft de Mei geen vreugd gezonden?
Maar in den Herfst, bij regenwind –
Zeg: heeft er één den moed gevonden – –
Ach! ‘k weet – ik ben een heel laf kind!

VN:F [1.9.22_1171]
Rating: 0.0/10 (0 votes cast)

Comments are closed.

hide totop